Wetgeving zorginstellingen

Wetgeving zorginstellingen

1. Grondwet

Recht op privacy: eigen ruimtelijke levenssfeer. Het zelfbeschikkingsrecht impliceert dat cliënten de gelegenheid moeten krijgen om zich te ontplooien. Aan de behoefte van cliënten aan seksueel contact mag, vanwege het recht op privacy, niet worden voorbijgegaan. Seksualiteitsbeleid dient een plaats te geven aan het recht op privacy en het zelfbeschikkingsrecht, zoals dat in de Grondwet is vastgelegd.


2. WGBO (Wet op de Geneeskundige Behandelingsovereenkomst)
Als zorgvuldigheidsnorm wordt in de wet aangegeven, dat hulpverleners/ instellingen bij de werkzaamheden de zorg van een goed hulpverlener in acht nemen. Als dit onvoldoende gebeurt, bijvoorbeeld door te weinig veiligheidsmaatregelen, dan kan de instelling aansprakelijk worden gesteld voor bijv. het seksueel misbruik.

 

3. Burgerlijk Wetboek

Naast de WGBO is er In het kader van civiel recht op basis van het BW, bij seksueel misbruik sprake van een onrechtmatige daad. De instelling kan zowel door de pleger als door het slachtoffer worden aangesproken op het feit dat verwijtbaar onvoldoende toezicht is geboden.

 

4. Wetboek Strafrecht
Op basis van dit wetboek is seksueel misbruik strafbaar. Een strafverzwaring geldt voor werkenden in de gezondheidszorg en maatschappelijke zorg. Mensen in een afhankelijkheidspositie worden hiermee extra bescherming geboden.

 

5. Tuchtrecht
Geldende normen van de beroepsuitoefening. Uitdrukkelijk wordt aangegeven dat tussen een behandelaar en cliënt geen seksueel contact is toegestaan.

 

6. BIG (Wet Beroepen in de Individuele Gezondheidszorg)

Het is strafbaar om schade aan de gezondheid van de hulpvrager te veroorzaken. Twee tuchtnormen: 1: zorgvuldigheid bij het verlenen van zorg 2. Gedragingen die strijdig zijn met het belang van een goede uitoefening van individuele gezondheidszorg.

 

7. Klachtrecht
Wet Klachtrecht Cliënten Zorgsector: Iedere instelling is verplicht om een klachtencommissie te hebben. Klachten over de instelling en of over de in de instelling werkzame personen.Wet stamt van mei 1995. Sinds die tijd worden klachten niet meer door de inspectie behandeld. De inspectie ziet er wel op toe dat instellingen een goede klachtenprocedure hebben.

 

8. Inspectierichtlijnen
Instellingen dienen een beleidsnotitie te hebben over preventie van seksueel misbruik binnen de hulpverleningsrelatie. Overige te regelen zaken zijn: meldingscode, vertrouwenspersoon, personeelsbeleid, informatie aan cliënt, opleiding, toetsing, supervisie, cultuur instelling.

 

9. Kwaliteitswet
Zorgaanbieder behoort verantwoorde zorg te bieden. Doeltreffend, doelmatig en cliëntgericht: afgestemd op de reële behoefte van de cliënt. In relatie tot seksualiteitsvraagstukken betekent dit: pakket aan maatregelen gericht op preventie van seksueel misbruik binnen de instelling en op het ondersteunen van cliënten bij hun streven om inhoud te geven aan hun behoeften aan intimiteit- en seksualiteitsbeleving.

 

10. Arbeidsomstandighedenwet (ARBO-wet)
In kader van zorg voor veiligheid en bescherming dient de werkgever ervoor te zorgen dat werknemers worden gevrijwaard van seksuele intimidatie door collega’s en cliënten (sinds 1994 is een apart artikel over seksuele intimidatie opgenomen). De Arbo-wet geeft ook aan dat cliënten beschermd dienen te worden tegen misbruik van werknemers. In kader van goed werkgeverschap dienen zowel voor werknemers als voor cliënten beschermende maatregelen te worden getroffen.

 

Werkgevers zijn daarnaast verplicht om werknemers voor te lichten over het beleid, zodat de gedragsregels bekend zijn. Werknemers zijn verplicht om zich op de hoogte te stellen van die regels.

 

Uit:

‘Seksualiteitsbeleid? Gewoon doen!’, handboek voor GGZ-instellingen

Rutgers Nisso Groep, oktober 2003

Postbus 9022, 3506 GA  Utrecht

Created by admin
Last modified 2005-08-06 12:29 AM
Rutgers Nisso Groep
Begrens de liefde